Muzen van Morgen 2026: Dit is Chris Nelck
Hij ervoer het leven als meisje en leeft het nu als man. Die ervaring kleurt het werk van de veelbelovende kunstenaar Chris Nelck (2003). Het is rauw, gelaagd en ongefilterd eerlijk. ‘Vaak denk ik: o mijn god, waarom wilde ik dit?’
Het atelier van Chris is op de zolderverdieping van een school in Rotterdam waar het zomers bloedheet is en ‘s winters ijskoud. Er staan twee grote vazen met roze lelies. Als de bloemen zijn uitgebloeid, wil Nelck ze drogen. Hij heeft daarvoor een grote pers gemaakt van afgedankt hout dat hij op de zolder vond. De gedroogde lelies gaat hij verwerken op een nepzwangere buik van transparant latex die hij gaat dragen in zijn nieuwe video Giovanni’s Womb.
De titel is ontleend aan Giovanni’s Room, de klassieker van de Amerikaanse schrijver James Baldwin uit 1956 over liefde, identiteit, verlangen en zelfacceptatie. Het boek, dat wordt gezien als een belangrijke queerroman, maakte diepe indruk op Nelck.
Op zijn dertiende zei hij tegen zijn moeder dat hij een jongen wilde zijn — hij is geboren als meisje. ‘Mijn moeder reageerde heel fijn. Ik kreeg vrij snel daarna puberteitsremmers waardoor mijn lichaam niet de verkeerde kant op ontwikkelde. Daar ben ik haar heel dankbaar voor.’
Tragisch en mooi
Het idee voor zijn nieuwe videowerk komt voort uit de vraag of hij ooit kinderen wil. Als transpersoon kan het extra lastig zijn daar een antwoord op te geven. ‘Ik kreeg ineens het beeld van mezelf hoe het zou zijn om zwanger te zijn. Dat vond ik heel tragisch, maar ook heel mooi. Dus nu onderzoek ik die vraag, met de inspiratie uit de queerliteratuur van de jaren 40, 50 en 60. Overigens zonder dat ik daar een conclusie uit hoef te trekken.’
Nelck is een van de vier Muzen van Morgen, een talentontwikkelingstraject van AVROTROS om kunstenaars aan het begin van hun carrière een jaar lang te steunen en te begeleiden.
Nelck, die in 2024 cum laude afstudeerde aan de Rotterdamse Willem de Kooning Academie, is gekozen uit meer dan 300 aanmeldingen. De jury zei over zijn werk: ‘Wat ons opviel is de veelzijdigheid en humor van zijn praktijk, waarin de queerpositie breed wordt benaderd met een hoog denkniveau en grensoverschrijdend werk.’
Nelck werkte nog parttime bij een bibliotheek voor mensen met een leesbeperking in Den Haag toen hij hoorde dat hij was uitgeroepen tot Muze van Morgen. ‘Dat was echt heel cool. Op dat moment dacht ik: een kantoorbaan is het gewoon niet voor mij. Ik ga voor kunst!’
Een fragment uit de video-installatie "Giovanni's Womb" (2026) - Chris Nelck
Borrelende boosheid
Zijn werk begint vaak bij iets waar Nelck gepassioneerd over raakt — vaak literatuur — of heel boos over wordt — de huidige wooncrisis bijvoorbeeld. ‘Dan begint er iets te borrelen en moet ik iets gaan maken.’
In het geval van boosheid of frustratie probeert hij er een positieve of grappige draai aan te geven. Met een glimlach: ‘Ik ben niet zo goed in heel lang boos blijven. Ik vind het fijner om er iets geks mee te doen.’
Zijn trans-zijn is een vanzelfsprekend onderdeel van zijn werk. ‘Ik werk altijd vanuit een persoonlijk startpunt, ik zou niet anders kunnen. Je identiteit, wie je bent, zit altijd in wat je maakt. Ik heb het leven ervaren als meisje en nu als man. Dat zie je terug in hoe ik naar dingen kijk. Het is niet altijd het hoofdthema, maar wel een belangrijk onderdeel.’
Wat hij maakt, maakt hij puur voor zichzelf. ‘Al is het natuurlijk heel mooi als het anderen raakt. Na mijn afstudeershow kreeg ik heel veel berichtjes van mensen dat het hen geraakt had. Heel bijzonder. Niet alleen van transpersonen die zich herkenden, maar ook van anderen die zich niet fijn in hun lichaam voelen. Of zich schaamden voor iets. Het ging vooral over schaamte.’
Het begon met opa
Kunst was voor Nelck altijd heel dichtbij. Zijn opa Ton Ruijs is beeldend kunstenaar en nam hem vroeger vaak mee naar musea. ‘We gingen ook gewoon naar de dierentuin hoor, maar in het museum vond ik het altijd leuk. Mijn opa vertelde dan hele verhalen. Echt, hij is een soort lopende encyclopedie.
Thuis heeft hij een kamer vol kunstgeschiedenisboeken. Vooral over het dadaïsme en fluxus, dat is echt zijn ding. Tijdens de corona-pandemie gaf hij mij kunstgeschiedenislessen, omdat ik me wilde voorbereiden op de academie. Ik vind het belangrijk om kennis te hebben van de verschillende kunststromingen. In elk geval de basis, zodat ik daar verder mee kan werken. Door alles wat er in de geschiedenis heeft plaatsgevonden, kunnen wij nu zulk vrij werk maken. Vooral fluxus (een internationale kunststroming, actief vanaf de jaren zestig, red.) heeft een grote invloed op mijn performances.’
Als eerbetoon aan zijn opa heeft Nelck een tatoeage laten zetten op zijn linkerpols. Ook zijn mentor op de kunstacademie, de twee jaar geleden plotseling overleden textielkunstenaar Lizan Freijsen, was belangrijk voor hem.
Vrijheid op canvas
Hij was pas vijftien toen hij werd toegelaten tot de kunstacademie. Het eerste jaar was Nelck vooral bezig met analoge fotografie. Pas in het derde jaar begon hij met schilderen. ‘Dat gaf me meer vrijheid dan fotografie. Ik maak geen schetsen. Terwijl ik schilder, denk ik na en vormt zich het werk. Ik zie het als een onderzoek.’ Dat onderzoek begint met een wit canvas. Nelck lacht: ‘Dat is heel eng. Als ik een wit doek prepareer, denk ik: o mijn god, waarom wilde ik dit?’ Maar als hij eenmaal is begonnen, geeft het schilderen hem juist houvast.
Vaak mondt een schilderij uit in een performance en daarnaast maakt hij publicaties als reflecties op zijn onderzoek. ‘Ik vind het bijzonder om te zien dat mijn projecten steeds heel anders zijn, maar dat de opbouw ervan hetzelfde is.’
De schaamte over zijn lichaam heeft Nelck inmiddels overwonnen. De weg daarnaartoe was een proces van ontdekking, zelfhaat en hernieuwde liefde. Dat heeft hij verwerkt in May I never have a penis: een intieme performance die eindigt met de vraag aan het publiek om hem en zijn lichaam letterlijk te omarmen.
Tijdens een van de uitvoeringen stapte als eerste zijn vader op hem af voor een warme, liefdevolle omhelzing. Een kippenvelmoment. ‘De hele zaal zat te huilde.’
De cover van Muze Magazine van Chris Nelck
In Self Portrait as Giovanni portretteert Chris Nelck zichzelf in zwangere staat, omringd door blauwe rook en rode lelies. Het is onderdeel van een groetere installatie Giovanni's Womb. De titel is ontleend aan James Baldwin's roman Giovanni's Room een roman over verlangen en liefde met een prachtig, tragisch einde.
Het werk van Chris Nelck is van 17 juli t/m 30 augustus in Brutus Art Space in Rotterdam te zien bij Brutus Wild Summer of Art.